
Met de strategische transformatiesteun (STS) steunt de Vlaamse overheid, via VLAIO, ondernemingen die hun werking grondig willen veranderen met grote investeringen en opleidingen. De steun bedraagt 8 % van de investeringen en 20 % van de opleidingskosten, met een maximum van 500.000 € per aanvragende onderneming. Het gaat om grote projecten: een kleine onderneming moet over drie jaar minstens 1 miljoen € investeren of 100.000 € aan opleidingen besteden.
Wat is de strategische transformatiesteun (STS)?
De strategische transformatiesteun is een subsidie van het Agentschap Innoveren & Ondernemen (VLAIO) voor ondernemingen die actief zijn in het Vlaams Gewest. De steun is bedoeld voor een transformatieproject: een doelbewuste verandering in de manier waarop een onderneming werkt, rond innovatie, internationalisering en duurzaamheid.
De STS is geen jaarlijkse oproep: volgens VLAIO staat de regeling permanent open voor aanvragen, er is momenteel geen vaste deadline. Een overzicht van alle andere steunmaatregelen van het agentschap vindt u in ons artikel over de ondersteuning van VLAIO voor ondernemers. Zoekt u kleinere steun voor advies of opleiding, bekijk dan ook de kmo-portefeuille.
Wie komt in aanmerking voor STS?
Zowel een individuele onderneming als minstens drie samenwerkende ondernemingen kunnen een dossier indienen. Bij een samenwerking mogen de ondernemingen geen partner- of verbonden ondernemingen van elkaar zijn: ze mogen dus niet tot dezelfde groep behoren.
Of u steun krijgt voor investeringen, voor opleidingen of voor allebei, hangt af van de grootte van uw onderneming. Kleine en middelgrote ondernemingen komen in heel Vlaanderen in aanmerking. Voor grote ondernemingen gelden voor investeringen strengere regels, die afhangen van de plaats van de investering.
Kleine en middelgrote ondernemingen (kmo’s)
Kleine en middelgrote ondernemingen komen in aanmerking voor investerings- en/of opleidingssteun in het hele Vlaamse Gewest. Of u een kmo bent, volgt uit de Europese kmo-definitie: een kleine onderneming heeft minder dan 50 werknemers, een middelgrote minder dan 250. Daarnaast mag de jaaromzet of het balanstotaal een bepaalde grens niet overschrijden.
Bij die berekening telt ook het zelfstandigheidscriterium: de gegevens van uw onderneming worden samengeteld met die van de participerende ondernemingen (vanaf meer dan 25 % participatie) en de verbonden ondernemingen (vanaf meer dan 50 % participatie). Overschrijdt u zo een van de grenzen, dan geldt u als grote onderneming.
Grote ondernemingen
Grote ondernemingen kunnen in heel Vlaanderen opleidingssteun krijgen. Voor investeringssteun komen ze alleen in aanmerking als de investering gebeurt in een gemeente die op de regionale steunkaart 2022-2027 staat, en als het gaat om een initiële investering voor een nieuwe economische activiteit.
Een onderneming in moeilijkheden is volgens de Europese regels uitgesloten van steun. Grote ondernemingen uit de vervoersector komen niet in aanmerking voor deze investeringssteun.
Hoeveel steun krijgt u met de STS?
De subsidie bedraagt 8 % voor investeringen en 20 % voor opleidingen. Het bedrag is gemaximeerd op 500.000 € per aanvragende onderneming. Voor transformatieprojecten met een uitzonderlijk belang op het vlak van duurzaamheid of klimaat wordt dat plafond opgetrokken tot 1 miljoen €.
Dienen meerdere verbonden ondernemingen elk een aparte aanvraag in voor deelprojecten die passen in één globaal transformatieplan? Dan is de totale steun over al die aanvragen samen ook beperkt tot 500.000 €, of uitzonderlijk 1 miljoen €. U kunt de STS niet combineren met andere staatssteun voor dezelfde investeringen. Voor energie- of milieu-investeringen bestaan aparte regelingen, maar die kunt u niet voor dezelfde investering met de STS combineren. Denk aan de energiepremies voor ondernemingen en de ecologiepremie.
Welke minimale bedragen gelden voor investeringen en opleidingen?
De STS is bedoeld voor grote projecten. Uw aanvaarde kosten voor investeringen en opleidingen moeten over een periode van drie jaar minstens een bepaalde instapdrempel halen. Die drempel hangt af van het type steun, van de grootte van de onderneming en van de vraag of u alleen of samen met andere ondernemingen aanvraagt.
Voor een samenwerking geldt de drempel per project. Daarnaast moet elke deelnemende onderneming zelf minstens 500.000 € aan investeringen inbrengen en, als het project opleidingen omvat, minstens 50.000 € aan opleidingen. Haalt u de drempels niet, kijk dan of de kmo-groeisubsidie beter bij uw project past.
| Aanvrager | Minimum investeringen (3 jaar) | Minimum opleidingen (3 jaar) |
| Individuele kleine onderneming | 1 miljoen € aan investeringen | 100.000 € aan opleidingen |
| Individuele middelgrote onderneming | 2 miljoen € aan investeringen | 200.000 € aan opleidingen |
| Individuele grote onderneming | 3 miljoen € aan investeringen | 300.000 € aan opleidingen |
| Samenwerking van alleen kleine ondernemingen (per project) | 3 miljoen € aan investeringen | 300.000 € aan opleidingen |
| Samenwerking met minstens één middelgrote onderneming (per project) | 4 miljoen € aan investeringen | 400.000 € aan opleidingen |
| Samenwerking met minstens één grote onderneming (per project) | 7 miljoen € aan investeringen | 700.000 € aan opleidingen |
Wat is een transformatieproject?
Een transformatieproject is een gepland veranderingsproces binnen een onderneming of een samenwerkingsverband van ondernemingen. Het gaat om de uitvoering van de strategie in de processen en de organisatie, rond innovatie, internationalisering en duurzaamheid.
Zo’n project verandert de manier van werken: denk aan het invoeren en vermarkten van innovaties, nieuwe businessmodellen, samenwerking met andere bedrijven of kennisinstellingen, het betreden van nieuwe buitenlandse markten, een efficiënter gebruik van materialen en energie of een betere inzet van uw medewerkers. U beschrijft het project in een transformatieplan.
Welke kosten komen in aanmerking?
Alleen investeringen en opleidingen die noodzakelijk zijn voor het transformatieproject komen in aanmerking. De investeringen moet u activeren op de balans, onder de posten 21 tot en met 27. Dat zijn onder meer installaties, machines en uitrusting, meubilair en rollend materiaal, en deels gebouwen.
Investeringen in grond komen niet in aanmerking. Voor de opleidingen tellen kosten zoals de personeelskosten van de opleiders, hun verplaatsingskosten en die van de deelnemers, materiaal, afschrijvingen, advies en begeleiding. De personeelskosten van de deelnemers tellen ook mee, maar maximaal tot het bedrag van de andere opleidingskosten samen.
- Investeringen: octrooien, licenties en knowhow (alleen voor technologieoverdracht), installaties, machines en uitrusting, meubilair en rollend materiaal, (on balance) leasing en soortgelijke rechten, overige materiële vaste activa en deels gebouwen.
- Niet subsidiabel: grond, en getrokken materieel voor goederenvervoer over de weg voor derden (tenzij dat materieel bestemd is voor gecombineerd vervoer met verschillende transportmodi).
Hoe vraagt u de strategische transformatiesteun aan?
U vraagt de STS online aan bij VLAIO. Dien uw aanvraag in vóór de start van het project, in de maand die voorafgaat aan de maand waarin het project werkelijk start. Het project kan ten vroegste starten op de eerste dag van de maand na de maand waarin u de aanvraag indiende, en duurt maximaal drie jaar.
Bij elke aanvraag voegt u een klimaatplan of een toelichting bij uw klimaatplan toe. Daarin beschrijft u hoe uw onderneming het energieverbruik, de uitstoot van broeikasgassen en de circulariteit aanpakt, en hoe ze zich aanpast aan de klimaatverandering. Voeg ook een recente concurrentieanalyse toe. De stappen van de aanvraag leest u in detail in ons artikel over de aanvraagprocedure van de STS.
Hoe wordt uw aanvraag beoordeeld?
VLAIO toetst uw transformatieproject aan vijf parameters, waaronder het innovatieve karakter, de versterking van de internationale competitiviteit en de bijdrage aan verduurzaming. Ook de tewerkstelling en de verankering van de onderneming in Vlaanderen tellen mee.
Hoe groter de vestiging waarin het project wordt uitgevoerd (naar aantal voltijdse werknemers), hoe strenger de minimumscores. Haalt uw project niet op elke parameter de vereiste basisscore, dan komt het volgens de voorwaarden niet in aanmerking. Snelgroeiende kmo’s vinden meer over andere ondersteuning in ons artikel over groeibedrijven.
Hoe verloopt de uitbetaling van de STS?
De steun wordt niet automatisch uitbetaald: u vraagt de uitbetaling zelf aan, ten laatste twaalf maanden na het einde van het volledige transformatieproject. De steun wordt in drie schijven betaald, telkens ten vroegste 30 dagen na de beslissing tot toekenning.
Voor de laatste schijf controleert VLAIO of de opleidingen en investeringen volledig gerealiseerd zijn. Wordt een van de vijf beoordelingscriteria, ook het tewerkstellingscriterium, niet gehaald zoals beschreven in het transformatieplan, of blijven uw uiteindelijke bedragen onder de minimumdrempels, dan wordt de steun volgens de voorwaarden volledig teruggevorderd.
- Eerste schijf (30 %): nadat u hebt aangetoond dat 30 % van het transformatieproject gerealiseerd is.
- Tweede schijf (30 %): nadat u hebt verklaard dat 60 % van het transformatieproject gerealiseerd is.
- Derde schijf (40 %): als de opleidingen en investeringen volledig gerealiseerd zijn, na controle door VLAIO.
Moet u belasting betalen op de STS?
Voor vennootschappen geldt voor het investeringsdeel van de strategische transformatiesteun een vrijstelling van vennootschapsbelasting. Die vrijstelling geldt voor kapitaal- en interestsubsidies die de gewesten sinds 1 januari 2006 toekennen om immateriële en materiële vaste activa aan te schaffen of tot stand te brengen.
Het opleidingsdeel valt niet onder die vrijstelling. Vraag bij twijfel raad aan uw boekhouder. Wilt u uw personeel laten delen in de winst, lees dan ook over de winstpremie.