Groeipakket 2026: basisbedrag, toeslagen en hoe u het aanvraagt

23 Juli 2026 door Isabelle - 10 minuten leestijd
Ontdek in enkele minuten op welke gezinssteun u recht hebt
Bereken mijn steun

Vlaams gezin met twee jonge kinderen thuis, illustratie bij het Groeipakket

Het Groeipakket is de Vlaamse gezinsbijslag: het geheel van financiële tegemoetkomingen dat elk gezin in Vlaanderen ontvangt voor de opvoeding van zijn kinderen. Sinds 1 januari 2019 verving het de vroegere kinderbijslag, met één maandelijks basisbedrag per kind, aangevuld met een reeks toeslagen naargelang uw gezinssituatie.

In deze gids leest u wat het Groeipakket precies inhoudt, hoeveel het basisbedrag in 2026 bedraagt, welke toeslagen er bestaan en hoe u alles aanvraagt. Voor kinderen die vóór 2019 geboren zijn, gelden nog aparte bedragen: ook daar gaan we kort op in. Zo weet u meteen op welke steun uw gezin recht heeft en bij wie u terechtkunt.

Wat is het Groeipakket?

Het Groeipakket bundelt alle financiële steun die de Vlaamse overheid aan gezinnen met kinderen toekent. Het gaat om een maandelijks basisbedrag per kind, een eenmalig startbedrag bij de geboorte of adoptie, en verschillende toeslagen voor gezinnen die er recht op hebben. De regeling wordt beheerd door het agentschap Opgroeien, dat u wellicht nog kent onder de oude naam Kind en Gezin.

Belangrijk om te weten: het Groeipakket is een Vlaamse bevoegdheid, geen federale. Sinds de zesde staatshervorming beslist Vlaanderen zelf over de bedragen en de voorwaarden, terwijl Brussel, Wallonië en de Duitstalige Gemeenschap hun eigen systeem hebben. Woont u in Vlaanderen, dan valt uw gezin onder het Groeipakket. In de volksmond spreekt men nog vaak van kinderbijslag, maar de officiële term is dus Groeipakket.

Het basisbedrag van het Groeipakket in 2026

Voor elk kind dat geboren is vanaf 1 januari 2019, bedraagt het maandelijkse basisbedrag 184,62 € per kind. Dat bedrag is gelijk voor elk kind, ongeacht de rang in het gezin: het maakt dus niet uit of het om uw eerste, tweede of derde kind gaat. Dit bedrag geldt sinds september 2025 en blijft in 2026 van kracht zolang de spilindex niet opnieuw overschreden wordt.

De bedragen van het Groeipakket worden immers geïndexeerd: telkens de spilindex bereikt wordt, stijgen ze mee met de levensduurte. Voor kinderen die geboren zijn vóór 2019 gelden nog de oude, naar rang gedifferentieerde bedragen van de kinderbijslag. Een overzicht van die specifieke bedragen vindt u in ons artikel over de hoogte van de kinderbijslag, waar we het oude en het nieuwe systeem naast elkaar zetten.

Het startbedrag: de geboortepremie en adoptiepremie

Naast het maandelijkse bedrag krijgt elk gezin een eenmalig startbedrag bij de geboorte of adoptie van een kind. In 2026 bedraagt die premie 1.269,25 € per kind. Bij een meerling wordt het startbedrag per kind uitbetaald, wat voor een tweeling dus neerkomt op tweemaal dat bedrag.

U hoeft niet te wachten tot de geboorte om het startbedrag aan te vragen. Vanaf de vierde maand van de zwangerschap kunt u de aanvraag al indienen bij uw uitbetaler, zodat het bedrag vlot na de geboorte op uw rekening staat. Dat is handig, want de eerste maanden met een pasgeborene brengen heel wat kosten mee. Hoe u een uitbetaler kiest, leest u verderop in deze gids.

Welke toeslagen bestaan er bovenop het basisbedrag?

Het Groeipakket is meer dan alleen het basisbedrag. Naargelang uw inkomen, uw gezinssamenstelling en de specifieke situatie van uw kind komen er verschillende toeslagen bij. Die toeslagen zijn precies wat het Groeipakket tot een systeem op maat maakt: gezinnen die het financieel moeilijker hebben, krijgen meer steun. Een volledig overzicht van de bijkomende steun vindt u in ons artikel over de toeslagen in Vlaanderen.

De belangrijkste toeslagen zetten we hieronder op een rij, telkens met een verwijzing naar de gedetailleerde uitleg. Zo kunt u per toeslag nagaan of uw gezin er recht op heeft en welke bedragen van toepassing zijn. Houd er rekening mee dat u sommige toeslagen automatisch krijgt, terwijl u er andere zelf moet aanvragen.

De sociale toeslag

De sociale toeslag is een extra maandelijkse steun voor gezinnen met een lager of gemiddeld inkomen. Voor een gezin met één of twee kinderen bedraagt die toeslag tot 73,68 € per maand per kind; vanaf drie kinderen loopt dat op tot 108,29 €. Of u er recht op hebt, hangt af van uw gezinsinkomen: de basisgrens ligt in 2026 op 40.701,59 € per jaar.

Deze toeslag wordt automatisch berekend op basis van uw inkomensgegevens, zodat u er in principe niets voor hoeft te doen. Toch is het verstandig om zelf na te gaan of uw situatie klopt, zeker na een inkomensdaling door werkloosheid of ziekte. Wie alleen voor de kinderen instaat, heeft vaak recht op een hogere sociale toeslag; meer daarover leest u in ons artikel over de eenoudertoeslag.

De schooltoeslag

De schooltoeslag is een jaarlijkse tegemoetkoming in de schoolkosten, vroeger bekend als de schooltoelage. Ze wordt toegekend aan gezinnen die aan dezelfde inkomensvoorwaarden voldoen als voor de sociale toeslag. De bedragen verschillen naargelang het onderwijsniveau: voor het kleuteronderwijs gaat het om een vast bedrag van 131,10 € per schooljaar, terwijl de volledige toeslag in het secundair kan oplopen tot 1.192,46 €.

Wilt u weten hoe de schooltoeslag precies berekend wordt en wanneer u ze ontvangt, dan leggen we dat stap voor stap uit in ons artikel wat is een schooltoeslag. Ook de schooltoeslag komt sinds enkele jaren automatisch tot bij de meeste rechthebbende gezinnen, via het Groeipakket.

De schoolbonus (vroeger kleutertoeslag)

Sinds 1 januari 2026 is de vroegere kleutertoeslag afgeschaft en vervangen door de schoolbonus. Die schoolbonus is een jaarlijkse leeftijdsgebonden premie: 23,07 € voor kinderen van 0 tot 4 jaar, 40,83 € van 5 tot 11 jaar, 57,68 € van 12 tot 17 jaar en 69,22 € vanaf 18 jaar. De bedragen worden één keer per jaar uitbetaald.

Let op: de schoolbonus is niet voor elk gezin. U krijgt hem enkel als u in juli van dat jaar recht hebt op de sociale toeslag. Het is dus een gerichte steun voor gezinnen met een lager inkomen, en geen algemene toelage voor iedereen. Twijfelt u of uw gezin binnen de inkomensgrens valt, controleer dan eerst uw recht op de sociale toeslag.

De zorgtoeslag

Voor kinderen met een specifieke ondersteuningsbehoefte of een aandoening bestaat er een zorgtoeslag. Die extra steun houdt rekening met de gevolgen van de aandoening voor het kind en voor het gezin, en wordt toegekend op basis van een medische evaluatie. Het bedrag hangt af van de ernst van de situatie, uitgedrukt in punten.

Deze toeslag is er specifiek om de bijkomende kosten van zorg op te vangen, en staat los van uw inkomen. Ook wie een kind opvangt binnen pleegzorg of als wees, kan op een aparte toeslag rekenen. Zo probeert het Groeipakket rekening te houden met de heel uiteenlopende situaties waarin gezinnen zich bevinden.

Wie betaalt het Groeipakket uit?

De Vlaamse overheid bepaalt de bedragen, maar de uitbetaling verloopt via private uitbetalers waaruit u zelf kiest. Concreet betekent dat dat u aansluit bij één uitbetaler die uw dossier beheert en het geld maandelijks op uw rekening stort. De bekendste uitbetalers zijn Parentia, Infino, FONS en Kidslife, naast de publieke uitbetaler VUTG.

De keuze van uitbetaler heeft geen invloed op het bedrag dat u ontvangt: dat is voor iedereen gelijk en wettelijk vastgelegd. Wel kunnen de dienstverlening en de digitale hulpmiddelen verschillen. Weet u niet welke uitbetaler u het best kiest, dan helpt ons artikel over het kinderbijslagfonds u op weg. U kunt overigens altijd kosteloos van uitbetaler veranderen, al is dat maar één keer per jaar mogelijk.

Hoe vraagt u het Groeipakket aan?

Voor een eerste kind vraagt u het Groeipakket zelf aan bij een uitbetaler naar keuze. U doet dat het best al tijdens de zwangerschap, zodat het startbedrag en het basisbedrag op tijd geregeld zijn. Voor een volgend kind binnen hetzelfde gezin gebeurt de aansluiting meestal automatisch, omdat uw dossier al bij een uitbetaler bekend is.

De aanvraag zelf verloopt digitaal en vlot: u bezorgt uw gegevens, kiest een uitbetaler en volgt uw dossier online op. Ontvangt u al steun voor een kind uit een vorige relatie of verhuist u naar Vlaanderen vanuit een ander gewest, dan is het verstandig om uw situatie na te kijken, want dan gelden er soms overgangsregels. Bij twijfel neemt u contact op met uw uitbetaler, die uw dossier concreet kan bekijken.

Wanneer wordt het Groeipakket uitbetaald?

Het Groeipakket van een bepaalde maand wordt telkens uiterlijk op de achtste dag van de volgende maand uitbetaald. De betaling voor de maand januari vertrekt dus ten laatste op 8 februari, die voor februari ten laatste op 8 maart, en zo verder. U ontvangt de steun met andere woorden na afloop van de maand waarop ze betrekking heeft, en niet vooraf.

Valt de achtste op een weekend of een feestdag, dan gebeurt de betaling op de laatste werkdag daarvoor. Wanneer het geld precies zichtbaar is op uw rekening, hangt daarna nog af van uw bank, die soms een dag of twee nodig heeft om de overschrijving te verwerken. Uw uitbetaler publiceert elk jaar een betaalkalender met alle data, zodat u precies weet wanneer u de storting mag verwachten.

Kinderen geboren vóór 2019: het oude systeem

Niet elk kind valt onder de nieuwe bedragen. Voor kinderen die geboren zijn vóór 1 januari 2019 blijft het oude systeem van de kinderbijslag gelden, met bedragen die stijgen naargelang de rang van het kind in het gezin en met leeftijdsbijslagen. Die kinderen behouden hun bestaande rechten, ook al valt het gezin voor het overige onder het Groeipakket.

Gezinnen met kinderen van vóór en na 2019 hebben dus soms een gemengd dossier, waarin beide systemen naast elkaar lopen. Dat hoeft geen probleem te zijn: uw uitbetaler past automatisch het juiste bedrag per kind toe. Wilt u de precieze bedragen van het oude systeem vergelijken met de nieuwe, dan zetten we ze naast elkaar in ons overzicht van de hoogte van de kinderbijslag.

Groeipakket en andere gezinssteun

Het Groeipakket staat niet op zichzelf. Gezinnen met jonge kinderen kunnen daarnaast ook recht hebben op de kinderopvangtoeslag, die tussenkomt in de kosten van niet-gesubsidieerde opvang. Wie een kind met een zorgnood heeft, combineert het Groeipakket soms met een zorgbudget van de Vlaamse sociale bescherming.

Het loont dus de moeite om na te gaan welke steunmaatregelen u kunt stapelen: vaak laten gezinnen geld liggen omdat ze niet weten dat verschillende tegemoetkomingen samen kunnen gaan. Een snelle simulatie geeft u een eerste beeld van waar u recht op hebt, waarna u de details per maatregel kunt nakijken. Zo haalt u het maximum uit de steun waarop uw gezin aanspraak maakt.

Bereken gratis op welke gezinssteun u recht hebt
Bereken mijn steun

Besluit: het Groeipakket in het kort

Het Groeipakket is de moderne, Vlaamse opvolger van de kinderbijslag: een maandelijks basisbedrag van 184,62 € per kind, een startbedrag van 1.269,25 € bij de geboorte, en een reeks toeslagen voor wie er recht op heeft. Het systeem is bewust op maat gemaakt, zodat gezinnen met een lager inkomen of met een kind met een zorgnood extra ondersteuning krijgen.

Ga daarom altijd na welke toeslagen op uw situatie van toepassing zijn, want net daar zit vaak de grootste meerwaarde. Kies een uitbetaler die bij u past, dien uw aanvraag tijdig in en houd uw dossier up-to-date bij elke gezinswijziging. Zo krijgt uw gezin elke maand precies de steun waar het recht op heeft, zonder onnodig papierwerk of gemiste bedragen.

Isabelle is redacteur bij Mijntoeslagen.be en schrijft over hulpverlening en administratie in Vlaanderen. Voel je vrij om contact met haar op te nemen in het commentaargedeelte als je vragen hebt.


Stel een vraag aan onze deskundige

Ons algoritme berekent voor welke steun u in aanmerking komt

Simuleer gratis mijn hulpmiddelen