
Rijdt u met uw eigen wagen voor uw werk, dan kan uw werkgever u een kilometervergoeding betalen. Van 1 oktober tot en met 31 december 2026 bedraagt het officiële maximum 0,4452 € per kilometer. Binnen dat bedrag en onder bepaalde voorwaarden betaalt u er geen sociale bijdragen op. Hieronder leest u hoe het bedrag elk kwartaal verandert, wat het jaarbedrag van 0,4761 € inhoudt, hoe u zelf rekent en waar het verschil zit tussen dienstverplaatsingen en woon-werkverkeer. Meer over vervoer en reiskosten vindt u bij onze premies en kortingen voor mobiliteit.
Wat is de kilometervergoeding?
De kilometervergoeding is een vast bedrag per kilometer dat uw werkgever u betaalt als u uw eigen voertuig gebruikt voor uw werk. Dat forfait dekt alle kosten van de wagen in één keer: brandstof, onderhoud en verzekering. Uw werkgever betaalt per gereden kilometer en hoeft uw tankbonnetjes niet afzonderlijk terug te betalen. Hij moet zijn systeem wel kunnen staven, bijvoorbeeld met het arbeidsreglement of een dienstnota.
Het officiële maximum is het bedrag dat de federale overheidsdiensten aan hun personeel betalen. De RSZ aanvaardt dat bedrag ook voor werknemers in de privésector als onkostenvergoeding zonder sociale bijdragen. Vraag uw werkgever welke regeling voor uw dienstritten geldt. Meer over wat uw werkgever verder terugbetaalt, leest u in onze gids over reiskosten naar het werk.
Hoeveel bedraagt de kilometervergoeding in 2026?
Sinds 1 oktober 2022 wordt het bedrag elk kwartaal opnieuw berekend. De bedragen in de tabel hieronder zijn de maximumbedragen die de RSZ voor werknemers aanvaardt. Voor het vierde kwartaal van 2026, van 1 oktober tot en met 31 december, bedraagt het maximum 0,4452 € per kilometer.
In het tweede kwartaal van 2026 was er een uitzondering: in mei 2026 besliste de overheid om het bedrag voor dat kwartaal per maand te herzien, met terugwerkende kracht. Daarom staan in de tabel voor april, mei en juni drie aparte bedragen. Die maandbedragen werden pas na afloop van de maand bekendgemaakt.
| Periode | Maximum per kilometer |
| Van 1 oktober tot en met 31 december 2026 | 0,4452 € per km |
| Van 1 juli tot en met 30 september 2026 | 0,4440 € per km |
| Juni 2026 (achteraf vastgelegd) | 0,5055 € per km |
| Mei 2026 (achteraf vastgelegd) | 0,4841 € per km |
| April 2026 (achteraf vastgelegd) | 0,4571 € per km |
| Van 1 januari tot en met 31 maart 2026 | 0,4326 € per km |
| Van 1 oktober tot en met 31 december 2025 | 0,4312 € per km |
Het bedrag voor het eerste kwartaal van 2027 is nog niet bekend. Het huidige bedrag werd eind september 2026 bekendgemaakt. Volgens de RSZ geldt 0,4452 € per kilometer tot en met 31 december 2026.
Kwartaalbedrag of jaarbedrag: wat is het verschil?
Naast het kwartaalbedrag bestaat er ook een jaarbedrag. Voor de periode van 1 juli 2026 tot en met 30 juni 2027 bedraagt dat 0,4761 € per kilometer. Het jaarbedrag wordt op een andere manier berekend, maar de RSZ aanvaardt beide bedragen als ernstige norm voor een vergoeding zonder sociale bijdragen.
Uw werkgever moet wel één systeem kiezen. Kiest hij voor het jaarbedrag, dan geldt dat voor de volledige periode tot en met 30 juni 2027 en kan hij tussendoor niet overschakelen naar het kwartaalbedrag. Wie het jaarbedrag gebruikt, kan ten vroegste vanaf 1 juli 2027 terugkeren naar het systeem per kwartaal.
Hoe berekent u uw kilometervergoeding?
De berekening is eenvoudig: u vermenigvuldigt het aantal gereden dienstkilometers met het bedrag per kilometer dat in die periode geldt. Het is verstandig om een rittenlijst bij te houden met de datum, het vertrekpunt, de bestemming en het aantal kilometers van elke verplaatsing. Zo kan uw werkgever de vergoeding gemakkelijk staven.
Voorbeeld: Sofie werkt als thuisverpleegkundige en rijdt in november 2026 met haar eigen wagen 240 dienstkilometers. Met het kwartaalbedrag krijgt ze 240 × 0,4452 € = 106,85 €. Werkt haar werkgever met het jaarbedrag, dan wordt het 240 × 0,4761 € = 114,26 €. Beide bedragen blijven binnen het maximum en zijn dus vrij van sociale bijdragen.
Betaalt uw werkgever meer dan het maximum, dan geldt het deel boven het maximum voor de RSZ als loon waarop sociale bijdragen verschuldigd zijn. Wil uw werkgever meer betalen, dan moet hij met bewijsstukken alle werkelijke kosten van die post aantonen: een forfait en werkelijke kosten combineren voor hetzelfde soort kosten mag niet. Hoeveel belasting u op uw loon zelf betaalt, hangt af van de belastingschijven.
Dienstverplaatsing of woon-werkverkeer: wat telt mee?
Een dienstverplaatsing is een rit die u tijdens uw werk maakt: naar een klant, een werf, een vergadering op een andere locatie of een opleiding. De rit van uw woning naar uw vaste werkplek en terug is woon-werkverkeer. De RSZ aanvaardt het maximum van 0,4452 € per kilometer voor beide soorten verplaatsingen met een eigen voertuig, als uw werkgever een vergoeding toekent.
Fiscaal gelden voor woon-werkverkeer andere regels. Kiest u in uw aangifte voor de forfaitaire beroepskosten, dan is een vergoeding van uw werkgever voor woon-werkverkeer met de eigen wagen belastingvrij tot 500 € per jaar voor de inkomsten van 2026. Kiest u voor werkelijke beroepskosten, dan mag u 0,15 € per kilometer aftrekken voor uw woon-werkverkeer met de wagen (behalve voor voertuigen die vrijgesteld zijn van verkeersbelasting), maar dan vervalt die vrijstelling. Het resultaat ziet u op uw aanslagbiljet.
Kilometervergoeding met de fiets
Fietst u naar uw werk of voor uw werk, dan geldt een apart bedrag. De RSZ aanvaardt 0,37 € per kilometer voor woon-werkverplaatsingen met de fiets, de elektrische fiets of de speed pedelec, met een maximum van 3.700 € per jaar. Voor dienstverplaatsingen met de fiets geldt hetzelfde bedrag per kilometer.
Voor dienstverplaatsingen met de fiets is er één extra voorwaarde: de fiets of speed pedelec moet eigendom van de werknemer zijn. Werkt u in de privésector, dan hebt u voor uw woon-werkverkeer met de fiets recht op een fietsvergoeding van uw werkgever, via een sectorale cao of anders via cao nr. 164. Het bedrag verschilt per sector en kan lager zijn dan de 0,37 € die de RSZ als maximum aanvaardt. Alle regels en voorwaarden staan in onze gids over de fietsvergoeding.
Kilometervergoeding voor vrijwilligers
Ook als vrijwilliger kan de organisatie waarvoor u werkt u een kilometervergoeding betalen voor de ritten die u met uw eigen voertuig voor die organisatie maakt; verplicht is dat niet. Het maximum voor het vierde kwartaal van 2026 is hetzelfde als voor werknemers: 0,4452 € per kilometer. Volgens de Hoge Raad voor Vrijwilligers geldt ook het jaarbedrag van 0,4761 € (van 1 juli 2026 tot en met 30 juni 2027).
Voor vrijwilligers geldt wel een jaarlimiet: de totale vergoeding voor uw verplaatsingen (met de eigen wagen, de eigen fiets of het openbaar vervoer) mag per jaar niet meer bedragen dan 2.000 keer de kilometervergoeding voor het eigen voertuig. Die limiet geldt niet als uw vrijwilligersactiviteit bestaat uit het regelmatig vervoeren van personen. Doet u meerdere activiteiten, dan geldt de uitzondering alleen voor de kilometers van dat vervoer. Een forfaitaire onkostenvergoeding mag u wel combineren met een verplaatsingsvergoeding zoals de kilometervergoeding; meer daarover in onze uitleg over de vrijwilligersvergoeding.
Wat als u een ongeval hebt tijdens een dienstverplaatsing?
Een ongeval tijdens een dienstverplaatsing of op de normale weg van en naar het werk kan als arbeidsongeval erkend worden. Dan vergoedt de arbeidsongevallenverzekering van uw werkgever onder meer uw medische kosten en uw loonverlies. Verwittig uw werkgever meteen: hij moet het ongeval binnen 8 kalenderdagen aangeven bij zijn verzekeraar. Doet hij dat niet en werkt u in de privésector, dan kunt u het ongeval zelf aangeven bij de arbeidsongevallenverzekeraar van uw werkgever. Fedris helpt u daarbij. In de openbare sector kunt u een arbeidsongeval niet zelf aangeven.
De kilometervergoeding dekt de kosten van uw wagen, maar is geen verzekering voor schade aan uw voertuig. Ook de arbeidsongevallenverzekering vergoedt geen materiële schade. Kijk dus na wat uw eigen autoverzekering dekt en of uw werkgever een aparte regeling heeft voor schade tijdens dienstritten. Meer over uw rechten na een ongeval leest u in onze gids over het arbeidsongeval.
Andere vergoedingen en voordelen van uw werkgever
De kilometervergoeding is één van de vergoedingen die uw werkgever kan toekennen zonder dat u er sociale bijdragen op betaalt. Daarnaast bestaan er nog andere voordelen die uw koopkracht versterken, zoals maaltijdcheques en ecocheques. Bent u zelf ondernemer en wilt u uw wagenpark vergroenen, dan vindt u de steunmaatregelen bij duurzame bedrijfsmobiliteit.
Hebt u een laag loon, dan kunt u misschien ook rekenen op de werkbonus, een vermindering van uw werknemersbijdragen die voor een hoger nettoloon zorgt. Rijdt u veel met uw eigen wagen, dan loont het om ook de verkeersbelasting en de kosten van autodelen te vergelijken. Rijdt u veel woon-werkkilometers, ga dan ook na of de keuze tussen forfait en werkelijke kosten in uw aangifte voordelig uitvalt.