Vrijwilligersvergoeding 2026: maximumbedragen, kilometers en vrijwilligerswerk met een uitkering

13 Oktober 2026 door Isabelle - 10 minuten leestijd

Ontdek op welke steun u recht hebt naast uw vrijwilligerswerk
Bereken mijn steun

Vrijwilligersvergoeding: vrijwilliger schept soep op in een buurthuis
Een vrijwilligersvergoeding is een onkostenvergoeding die een vereniging u mag betalen zonder dat u er belastingen of sociale bijdragen op betaalt. In 2026 gaat het om maximaal 44,02 € per dag en 1.760,83 € per jaar, voor sommige vrijwilligers tot 3.233,91 € per jaar. Hieronder leest u hoe die plafonds werken, wanneer u kilometers extra mag laten terugbetalen en wat u moet regelen als u een uitkering ontvangt. Meer over werken, bijverdienen en uw rechten vindt u in onze rubriek werk en tewerkstelling.

Wat is een vrijwilligersvergoeding precies?

U bent vrijwilliger als u zich onbetaald en zonder verplichting inzet voor anderen, binnen een vereniging of organisatie zonder winstoogmerk en buiten uw familie- of vriendenkring. Dat kan een feitelijke vereniging zijn, een vzw of een openbare dienst. Werkt u voor dezelfde organisatie al met een arbeidsovereenkomst, dan kunt u daar geen vrijwilliger zijn: dat geldt ook voor wie er een dienstencontract of een statutaire aanstelling heeft.

Onbetaald betekent niet dat u alles uit eigen zak moet betalen. De organisatie mag uw kosten vergoeden, maar is daar niet toe verplicht. Kiest ze voor een forfaitaire vergoeding, dan hoeft u uw kosten niet te bewijzen zolang u onder de plafonds blijft. Dat is wat de meeste mensen een vrijwilligersvergoeding noemen. Het is dus iets anders dan een bijverdienste: wilt u echt bijverdienen zonder zelfstandige te worden, dan gelden andere regels.

Hoeveel bedraagt de vrijwilligersvergoeding in 2026?

De plafonds zijn gekoppeld aan de index en gaan telkens op 1 januari omhoog nadat de spilindex is overschreden. Voor 2026 mag u als vrijwilliger maximaal 44,02 € per dag en 1.760,83 € per jaar ontvangen als forfaitaire kostenvergoeding. Die bedragen zijn maxima: een vereniging mag u minder geven of helemaal niets.

Belangrijk is dat de plafonds gelden voor al uw vrijwilligerswerk samen. Bent u vrijwilliger bij twee of drie verenigingen, dan telt u alle forfaitaire vergoedingen per dag en per kalenderjaar op. In de tabel vindt u ter vergelijking ook de bedragen van 2025.

Plafond 2026 2025
Per dag 44,02 € 42,31 €
Per jaar (gewone vrijwilligers) 1.760,83 € 1.692,51 €
Per jaar (bepaalde categorieën vrijwilligers) 3.233,91 € 3.108,44 €

Blijft u onder beide plafonds, dan betaalt u geen sociale bijdragen en vermeldt u niets over die vergoeding in uw belastingaangifte. U betaalt er dus ook geen belastingen op bij de FOD Financiën.

Wie mag tot 3.233,91 € per jaar ontvangen?

Voor een paar categorieën vrijwilligers ligt het jaarplafond hoger: 3.233,91 € in 2026. Het dagplafond blijft wel 44,02 €. Het gaat om een beperkte lijst van activiteiten in de sport, in de oppas bij hulpbehoevende personen en in het ziekenvervoer.

De lijst is beperkt. Volgens de RSZ vallen alleen deze vrijwilligers onder het verhoogde jaarbedrag van 3.233,91 € per jaar:

  • vrijwilligers in de sport: sporttrainer, sportlesgever, sportcoach, jeugdsportcoördinator, scheidsrechter, jurylid, steward, terreinverzorger-materiaalmeester en seingever bij sportwedstrijden;
  • de nachtoppas (inslapen) en de dagoppas bij hulpbehoevende personen, volgens de voorwaarden die elke Gemeenschap vastlegt;
  • het niet-dringend liggend ziekenvervoer naar, vanuit en tussen ziekenhuizen.
Belangrijk
Ontvangt u als vrijwilliger in de sport een vervangingsinkomen, zoals een werkloosheidsuitkering, een ziekte- of invaliditeitsuitkering, een pensioen of een leefloon, dan hebt u geen recht op het verhoogde jaarbedrag. Voor u geldt dan het gewone plafond van 1.760,83 €. Tijdskrediet en het Groeipakket tellen hiervoor niet als uitkering.

Wie vrijwillig mensen vervoert, zoals bij vrijwilligersvervoer via MobiTwin, valt niet automatisch onder het verhoogde jaarbedrag: dat geldt alleen voor het niet-dringend liggend ziekenvervoer naar, vanuit en tussen ziekenhuizen. Wat u als patiënt zelf betaalt voor ziekenvervoer, leest u op een aparte pagina.

Forfaitaire of reële kostenvergoeding: u kiest één systeem

Er bestaan twee manieren om uw kosten vergoed te krijgen. Ofwel ontvangt u een forfait binnen de plafonds, zonder bewijsstukken. Ofwel krijgt u uw reële kosten terug op basis van bewijzen, zoals facturen, kastickets of een kilometerstaat. Bij de reële kosten geldt geen plafond, zolang u elke euro kunt staven.

U mag die twee systemen niet combineren. Bent u vrijwilliger bij meerdere organisaties, dan kiest u overal hetzelfde systeem. Een vereniging mag wel voor de ene vrijwilliger het forfait gebruiken en voor de andere de reële kosten.

Kilometers bovenop het forfait

Op één punt is een combinatie wel toegelaten: naast het forfait mag de organisatie uw reële verplaatsingskosten terugbetalen, tot een bedrag dat overeenstemt met 2.000 kilometer per jaar. Dat geldt voor het openbaar vervoer, de fiets en uw eigen voertuig samen. Rijdt u met uw eigen auto, motor of bromfiets, dan mag ze de kilometervergoeding van de federale ambtenaren toepassen. Dat bedrag wordt elk kwartaal aangepast: van 1 oktober tot en met 31 december 2026 is het kwartaalbedrag 0,4452 € per kilometer. Er bestaat ook een jaarbedrag van 0,4761 € per kilometer (van 1 juli 2026 tot en met 30 juni 2027). Vraag aan de organisatie welk bedrag ze toepast. Komt u met de fiets, dan geldt de fietsvergoeding van de ambtenaren.

De grens van 2.000 kilometer geldt niet voor de kilometers die u rijdt voor het regelmatig vervoeren van personen. Doet u daarnaast nog ander vrijwilligerswerk, dan geldt de grens daar wel. Ook geschenken voor een huwelijk of wettelijke samenwoning, een eervolle onderscheiding of voor Sinterklaas, Kerstmis en Nieuwjaar tellen niet mee voor het plafond.

Bekijk welke toelagen en tegemoetkomingen u nog kunt krijgen
Controleer uw rechten

Wat gebeurt er als u het plafond overschrijdt?

Overschrijdt u het dagplafond of het jaarplafond, en kunt u uw kosten niet met bewijsstukken staven, dan bent u voor de wet geen vrijwilliger meer. Dat heeft gevolgen voor het hele kalenderjaar, niet alleen voor het bedrag boven het plafond.

Concreet worden dan alle forfaitaire vergoedingen van dat jaar als belastbaar beschouwd. U kunt bovendien worden beschouwd als werknemer of zelfstandige, met de sociale bijdragen die daarbij horen. Houd daarom zelf bij wat u bij elke vereniging ontvangt, zeker als u bij verschillende organisaties actief bent.

Aandacht
Houd de vergoedingen van al uw verenigingen per dag en per jaar bij. De organisatie moet een lijst bijhouden van wat ze elke vrijwilliger betaalt, maar alleen u ziet het totaal van al uw vrijwilligerswerk samen.

Vrijwilligerswerk met een werkloosheidsuitkering

Met een werkloosheidsuitkering mag u vrijwilligerswerk doen en uw uitkering behouden, maar u moet het vooraf aangeven. Dat doet u bij uw uitbetalingsinstelling (uw vakbond of de HVW) met het C45B-formulier, dat u samen met de organisatie invult. Werkt u vrijwillig voor een privépersoon, dan gebruikt u het C45A-formulier. Hulp in de beroepsactiviteit van een privépersoon, zoals in een handelszaak, of werk voor een werkgever of handelsvennootschap aanvaardt de RVA nooit als vrijwilligerswerk, ook niet als u het gratis doet.

De directeur van het werkloosheidsbureau heeft 12 werkdagen om te beslissen. Beslist hij niet binnen die termijn, dan mag u het vrijwilligerswerk voor onbepaalde tijd blijven doen. In afwachting van die beslissing mag u al beginnen. Weigert de RVA, dan kunt u binnen drie maanden in beroep gaan bij de arbeidsrechtbank.

  • Algemene toelating: is de organisatie actief in heel het land of in meerdere regio’s, dan kan ze bij de RVA een algemene toelating vragen. Soms hoeft u dan geen C45B-formulier meer in te dienen: vraag het na bij de organisatie.
  • Vergoeding: u mag enkel een terugbetaling van uw kosten krijgen, ofwel de reële kosten, ofwel het forfait van maximaal 44,02 € per dag en 1.760,83 € per jaar (voor enkele categorieën vrijwilligers ligt het jaarplafond hoger).
  • Wijziging: verandert de aard of de frequentie van uw vrijwilligerswerk, dan doet u vooraf een nieuwe aangifte.
Hebt u de toelating en blijft u binnen de grenzen ervan, dan hoeft u volgens de RVA het vrijwilligerswerk niet op uw controlekaart te vermelden. Alle formulieren vindt u bij uw uitbetalingsinstelling of op de pagina van de RVA over vrijwilligerswerk.

Doet u vrijwilligerswerk zonder voorafgaande aangifte, zonder de vergoeding die u ontvangt aan te geven (tenzij u vrijgesteld bent van het C45B-formulier), of overschrijdt u de grenzen van uw toelating zonder het vakje op uw controlekaart zwart te maken, dan verliest u het recht op uitkeringen. De RVA vordert de ten onrechte ontvangen uitkeringen terug en u loopt het risico op een uitsluiting van het recht op uitkeringen voor meerdere weken. Maakt u het vakje vooraf wel zwart voor een activiteit zonder toelating of buiten de grenzen ervan, dan ontvangt u geen uitkering voor die dagen. Meer over de RVA en haar rol leest u in onze pagina over de RVA.

Vrijwilligerswerk als u ziek bent of een leefloon ontvangt

Bent u arbeidsongeschikt, dan mag u vrijwilligerswerk doen zonder dat uw arbeidsongeschiktheid stopt, op voorwaarde dat het verenigbaar is met uw gezondheidstoestand. De adviserend arts van uw ziekenfonds moet dat vaststellen. Dat staat zo op de website van het RIZIV voor arbeidsongeschikte werknemers. Hoeveel u tijdens uw ziekte krijgt, leest u bij de invaliditeitsuitkering.

Voor ander werk tijdens uw arbeidsongeschiktheid, zoals een progressieve werkhervatting, hebt u de toestemming van de adviserend arts nodig. Voor vrijwilligerswerk hoeft u geen toestemming te vragen. Toch raadt het RIZIV aan om uw ziekenfonds vooraf in te lichten en de adviserend arts te vragen zich zo snel mogelijk uit te spreken. Is de activiteit geen vrijwilligerswerk of niet verenigbaar met uw gezondheid, neem dan snel contact op met uw ziekenfonds om uw rechten te vrijwaren.

Ook met een leefloon van het OCMW mag u vrijwilligerswerk doen en een kostenvergoeding ontvangen: volgens de wet zijn beide verenigbaar met het recht op leefloon, onder de voorwaarden die de Koning vastlegt. Het gaat dan om een kostenvergoeding binnen de regels voor vrijwilligers: de plafonds of de bewezen reële kosten. Bespreek het vooraf met uw maatschappelijk werker, zodat er achteraf geen discussie ontstaat over uw inkomsten.

Wat moet de organisatie u vooraf vertellen?

Een organisatie die met vrijwilligers werkt, moet u informeren voordat u begint. Ze vertelt u onder meer wat haar doel en juridisch statuut is, of en welke verzekering ze voor haar vrijwilligers heeft en of ze een kostenvergoeding betaalt. Betaalt ze een vergoeding, dan zegt ze u ook om welk soort vergoeding het gaat en in welke gevallen ze die betaalt.

Is de organisatie burgerlijk aansprakelijk voor de schade die u als vrijwilliger veroorzaakt, dan moet ze daarvoor een verzekering burgerlijke aansprakelijkheid afsluiten. Vraag dus best na of u verzekerd bent, zeker als u met uw eigen wagen rijdt of met kinderen of zieken werkt. Wilt u een vereniging liever met geld steunen, lees dan hoe giften fiscaal aftrekbaar zijn.

Vrijwilligerswerk, bijverdienen of een job: wat is het verschil?

Een vrijwilligersvergoeding is geen loon: ze dekt alleen uw kosten. Wilt u echt iets verdienen naast uw job, dan zijn er andere regelingen met eigen voorwaarden, belastingen en bijdragen. Binnen dezelfde organisatie mag u in dezelfde periode bovendien geen onbelast verenigingswerk combineren met vergoed vrijwilligerswerk.

Weet u niet goed welke regeling bij uw situatie past? Op deze pagina’s vindt u telkens de voorwaarden, de belastingen en de bijdragen:

Meer informatie

Isabelle is redacteur bij Mijntoeslagen.be en schrijft over hulpverlening en administratie in Vlaanderen. Voel je vrij om contact met haar op te nemen in het commentaargedeelte als je vragen hebt.


Stel een vraag aan onze deskundige

Ons algoritme berekent voor welke steun u in aanmerking komt

Simuleer gratis mijn hulpmiddelen