
De terugbetaling van een hoorapparaat loopt via uw ziekenfonds en de verplichte ziekteverzekering van het RIZIV. Bedraagt uw gehoorverlies minstens 35 decibel aan het oor dat u wilt laten helpen, dan krijgt u een vaste tussenkomst, die afhangt van uw leeftijd en van het aantal oren. In deze gids over terugbetalingen voor uw gezondheid leest u wie recht heeft, hoeveel u terugkrijgt, wat u zelf nog betaalt en welke stappen u zet bij de NKO-arts, de audicien en uw ziekenfonds.
Wanneer betaalt het ziekenfonds uw hoorapparaat terug?
U krijgt alleen een tussenkomst als u aan alle voorwaarden van het RIZIV voldoet. Het gaat om een terugbetaling van de verplichte ziekteverzekering. U ontvangt ze via de mutualiteit waarbij u aangesloten bent, en het wettelijke bedrag is bij elk ziekenfonds hetzelfde, omdat het RIZIV één nationaal tarief vastlegt.
De voorwaarden gaan vooral over de mate van uw gehoorverlies, over het toestel zelf en over wie het u verkoopt. Voldoet u aan een voorwaarde niet, dan betaalt u het volledige bedrag in de regel zelf. Twijfelt u of uw gehoor achteruitgaat, bespreek het dan eerst met uw huisarts, die u kan doorverwijzen naar een neus-, keel- en oorarts (NKO-arts).
- Uw gehoorverlies bedraagt minstens 35 decibel aan het oor waarvoor u een hoorapparaat wilt (gemiddeld op de frequenties 1.000, 2.000 en 4.000 Hz).
- Het hoorapparaat levert u een gehoorwinst van minstens 5 decibel op.
- Het toestel staat op de officiële lijst van terugbetaalbare hoortoestellen van het RIZIV.
- U koopt het toestel bij een erkende audicien.
- U doorloopt de volledige aanvraagprocedure met voorschrift, proefperiode en goedkeuring van de adviserend arts.
Alleen in uitzonderlijke medische situaties is er ook een tussenkomst bij minder dan 35 decibel, bijvoorbeeld bij bepaalde vormen van gehoorverlies of bij kinderen met een achterstand in spraak- of taalontwikkeling of op school. Uw NKO-arts weet of dat voor u geldt.
Hoeveel bedraagt de terugbetaling van een hoorapparaat?
Het bedrag van de tussenkomst hangt af van uw leeftijd en van het aantal oren dat u laat uitrusten. Een toestel voor één oor heet een monofonische uitrusting, een toestel voor beide oren een stereofonische uitrusting. In dat bedrag zit niet alleen het toestel, maar ook de aanpassing en de opvolging door de audicien tijdens de hele hernieuwingstermijn.
De bedragen hieronder zijn de tarieven die het RIZIV vanaf 1 januari 2026 hanteert bij een geconventioneerde audicien. Ze gelden ook voor wie recht heeft op de verhoogde tegemoetkoming. Voor 65-plussers werd de tussenkomst op 1 januari 2026 licht verhoogd; voor de andere leeftijden bleef de tussenkomst bij een geconventioneerde audicien gelijk.
| Leeftijd | Eén oor | Beide oren |
| Jonger dan 18 jaar | 1.451,56 € | 2.875,21 € |
| Van 18 tot 65 jaar | 884,59 € | 1.751,01 € |
| 65 jaar en ouder | 859,59 € | 1.701,46 € |
Gaat u naar een audicien die niet geconventioneerd is, dan ligt de tussenkomst volgens de standaardtarieven van het RIZIV 25 % lager, behalve als u recht hebt op de verhoogde tegemoetkoming. Voor iemand van 18 tot 65 jaar zakt de terugbetaling voor één oor dan naar 663,45 €, voor beide oren naar 1.313,26 €. Vraag dus best vooraf of uw audicien de overeenkomst met de ziekenfondsen heeft ondertekend.
Wat kost een hoorapparaat na terugbetaling?
Wat u zelf betaalt, bestaat uit twee delen: het remgeld en eventuele supplementen. Bij een geconventioneerde audicien is het remgeld het deel van het officiële tarief dat de ziekteverzekering niet overneemt. Het supplement is wat de audicien bovenop dat tarief vraagt, bijvoorbeeld voor een toestel met meer technologie, extra toebehoren of diensten die het RIZIV niet regelt.
Voor een basishoortoestel bij een geconventioneerde audicien betaalt u enkel het remgeld. Voor een volwassene van 18 tot 65 jaar is het officiële tarief voor één oor 940,31 €, waarvan het RIZIV 884,59 € terugbetaalt: u draagt dus zelf ongeveer 55,72 € (eigen berekening op basis van de RIZIV-tarieven). Voor 65-plussers is dat ongeveer 57,19 € per oor. Voor kinderen en jongeren onder 18 jaar is de tussenkomst bij een geconventioneerde audicien gelijk aan het volledige tarief, zonder remgeld.
Kiest u een toestel van een hoger technologisch niveau, dan mag elke audicien een supplement aanrekenen, en dat kan flink oplopen. De terugbetaling blijft dezelfde vaste som: wat duurder is dan het basistoestel, betaalt u zelf. Een niet-geconventioneerde audicien mag bovendien ook voor een basistoestel supplementen vragen.
Bij de audicien betaalt u ofwel het totaalbedrag, waarna uw ziekenfonds u de tussenkomst van het RIZIV terugbetaalt, ofwel enkel het remgeld en de eventuele supplementen als de audicien de derdebetalersregeling toepast. In dat laatste geval rekent de audicien de rest rechtstreeks af met uw ziekenfonds.
Hoe vraagt u de terugbetaling van een hoorapparaat aan?
De aanvraag verloopt in vaste stappen, en de volgorde is belangrijk. Het ziekenfonds komt alleen tussen als de adviserend arts zijn akkoord gaf voor de aflevering van het definitieve toestel. Koopt u eerst een toestel en gaat u pas daarna naar de dokter, dan loopt u het risico dat u geen terugbetaling krijgt. Bewaar ook alle documenten die u onderweg krijgt.
Houd rekening met enkele weken tussen het eerste bezoek aan de NKO-arts en de definitieve plaatsing, vooral door de verplichte proefperiode. Die periode is er juist om te testen of het toestel u echt helpt in uw dagelijkse leven, thuis en op het werk. Een toestel op proef geldt nog niet als aankoop.
- Consultatie bij de NKO-arts. De arts doet gehoortesten en schrijft, als de resultaten dat rechtvaardigen, een voorschrift uit om een hoortoestel te testen.
- Bezoek aan de audicien. U geeft het voorschrift aan de audicien. Bent u volwassen, dan vult u ook een vragenlijst in.
- Proefperiode. U krijgt een toestel op proef, minstens 28 kalenderdagen voor een eerste hoortoestel en minstens 14 kalenderdagen bij een hernieuwing.
- Testverslag. Na de proef maakt de audicien een testverslag op met de echte gehoorwinst. Dat verslag en de vragenlijst gaan naar de NKO-arts, die beslist of hij het hoortoestel voorschrijft.
- Goedkeuring van de adviserend arts. U bezorgt de documenten aan de adviserend arts van uw ziekenfonds. Die antwoordt schriftelijk binnen 15 werkdagen en bezorgt zijn akkoord aan u en aan de audicien. Antwoordt hij niet binnen die termijn, dan wordt de aanvraag als goedgekeurd beschouwd.
- Plaatsing en terugbetaling. De audicien plaatst het definitieve toestel en geeft u een getuigschrift van aflevering. Dat getuigschrift en het goedgekeurde aanvraagformulier bezorgt u aan uw ziekenfonds.
Hoe vaak wordt een hoorapparaat terugbetaald?
Een hoorapparaat wordt niet elk jaar opnieuw terugbetaald. Er geldt een hernieuwingstermijn: 3 jaar als u bij de vorige aflevering nog geen 18 jaar was, 5 jaar als u toen 18 jaar of ouder was. Een nieuw hoortoestel wordt binnen die termijn in de regel niet terugbetaald.
Er zijn wel drie uitzonderingen waarbij u niet moet wachten tot de termijn voorbij is. In die gevallen kan het RIZIV vroeger opnieuw tussenkomen, op voorwaarde dat u opnieuw de aanvraagprocedure doorloopt.
- Uw gehoor gaat binnen de termijn met minstens 20 decibel achteruit (gemiddeld over 3 van de 5 frequentiezones), met een omstandige motivering bij de aanvraag.
- U moet om medische redenen overschakelen van een toestel met luchtgeleiding naar een toestel met beengeleiding, of omgekeerd, met een attest van de NKO-arts.
- U krijgt een cochleair implantaat aan één oor: het toestel aan het andere oor mag dan vervangen worden.
Voor fabricagefouten geldt bij normaal gebruik een waarborg van twee jaar, behalve voor externe toebehoren zoals oorstukjes op maat; herstellingen daarna betaalt u zelf. Omdat de opvolging door de audicien in de tussenkomst is inbegrepen, hebt u tijdens de hele hernieuwingstermijn ook recht op die opvolging. Vraag bij de aankoop wat de audicien daaronder verstaat.
Extra tussenkomsten bovenop de terugbetaling
Bovenop de wettelijke terugbetaling hebben ziekenfondsen hun eigen aanvullende verzekering, met voordelen die per ziekenfonds verschillen. Vraag dus bij uw eigen mutualiteit na of zij een extra tussenkomst voor hoorapparaten geeft en onder welke voorwaarden. Meer over hoe ziekenfondsen werken, leest u in onze artikels over het Neutraal Ziekenfonds en de Liberale Mutualiteit.
Hebt u recht op de verhoogde tegemoetkoming, dan behoudt u ook bij een niet-geconventioneerde audicien de volledige tussenkomst, zonder de vermindering van 25 %. Lopen uw medische kosten in een jaar hoog op, lees dan ook onze uitleg over de maximumfactuur.
Is uw slechthorendheid het gevolg van lawaai op het werk, dan kan het om een beroepsziekte gaan, met een eigen regeling via Fedris voor werknemers. Leeft u met een handicap, dan vindt u meer uitleg in ons artikel over het VAPH.
Waar let u op bij de keuze van uw audicien?
De belangrijkste vraag is of de audicien geconventioneerd is. Dat bepaalt of u de volledige tussenkomst krijgt, tenzij u recht hebt op de verhoogde tegemoetkoming, en of hij voor een basistoestel supplementen mag vragen. U hebt bovendien recht op informatie over de financiële gevolgen van de zorg.
Het is daarom verstandig om een schriftelijke prijsopgave te vragen voor het toestel dat u na de proefperiode kiest, met het totaalbedrag, de tussenkomst van het RIZIV, het remgeld en de supplementen apart vermeld. Zo weet u precies welk deel u zelf draagt, nog voor u tekent. Bekijk ook onze gidsen over de terugbetaling bij de tandarts, de terugbetaling van de kinesist en de terugbetaling van de psycholoog.
Wie naast een hoorapparaat ook andere zorg nodig heeft, vindt meer informatie over het zorgbudget voor ouderen. Een vaste huisarts die uw globaal medisch dossier beheert, kan u bovendien vlot doorverwijzen naar de NKO-arts.