
Een landingsbaan laat u op het einde van uw loopbaan halftijds of een vijfde minder werken tot aan uw pensioen, met een maandelijkse uitkering van de RVA bovenop uw deeltijds loon. Sinds 1 januari 2026 gelden er strengere regels: de leeftijd ligt in de regel op 60 jaar en u moet een langere loopbaan bewijzen. Hieronder leest u wie recht heeft op een landingsbaan, hoeveel u krijgt, wat ze betekent voor uw pensioen en hoe u ze aanvraagt. Andere steun rond werk en loopbaan vindt u in onze rubriek werkgelegenheid.
Wat is een landingsbaan precies?
Een landingsbaan is een vorm van tijdskrediet voor werknemers die het einde van hun loopbaan naderen. U vermindert uw prestaties halftijds of met een vijfde en u blijft zo werken tot de dag waarop u met pensioen gaat. Uw arbeidsovereenkomst loopt gewoon door, u blijft in dienst bij dezelfde werkgever en u behoudt uw rechten als werknemer.
De regeling geldt alleen voor bedienden en arbeiders uit de privésector. Wie in de openbare sector, in het onderwijs of bij een autonoom overheidsbedrijf werkt, valt onder andere regels. Een volledige onderbreking bestaat niet in een landingsbaan: wie tijdelijk helemaal wil stoppen, moet een voltijds tijdskrediet met motief aanvragen. Het vervangingsinkomen komt van de RVA en maakt deel uit van de Belgische sociale zekerheid.
Wat verandert er in 2026 aan de landingsbaan?
Voor elke aanvraag waarvoor u vanaf 1 januari 2026 uw werkgever schriftelijk verwittigt, gelden nieuwe regels. De voorwaarden bij uw werkgever en de voorwaarden voor de uitkering van de RVA zijn voortaan dezelfde.
De belangrijkste verandering zit in de leeftijd en de loopbaan. De algemene leeftijd is 60 jaar, en de vereiste loopbaan stijgt elk jaar tot 2030. Een landingsbaan tussen 50 en 54 jaar is niet langer mogelijk. Hebt u uw werkgever vóór 1 januari 2026 schriftelijk verwittigd, dan blijven de oude regels voor u gelden. Vergelijk bij twijfel uw situatie ook met de voorwaarden voor het vervroegd pensioen.
Welke voorwaarden gelden er voor een landingsbaan?
U moet aan vier voorwaarden tegelijk voldoen. Op het moment van uw schriftelijke kennisgeving hebt u 24 maanden anciënniteit bij uw werkgever; in onderling overleg kan die termijn korter. Daarnaast moet u in de 24 maanden vóór die kennisgeving in de vereiste arbeidsregeling gewerkt hebben.
Voor een halftijdse landingsbaan werkte u in die periode voltijds of minstens 3/4 van een voltijdse betrekking. Voor een vermindering met een vijfde werkte u voltijds, in de regel gespreid over vijf dagen of meer; een sectorale cao of een schriftelijk akkoord in de onderneming kan dat ook openstellen voor wie minder dagen werkt. De derde voorwaarde is uw leeftijd, de vierde uw loopbaan als loontrekkende.
Loopbaanvoorwaarde vanaf 60 jaar
Bent u 60 jaar of ouder, dan moet u op het moment van de kennisgeving een loopbaan als loontrekkende bewijzen die verschilt voor mannen en vrouwen. In 2026 gaat het om 31 jaar voor mannen en 26 jaar voor vrouwen.
Die drempel stijgt vervolgens elk jaar op 1 januari met één jaar, tot 35 jaar voor mannen en 30 jaar voor vrouwen in 2030. Voor die loopbaanvoorwaarde telt de datum waarop u uw werkgever schriftelijk verwittigt. Voor de leeftijd van 60 jaar telt wel de startdatum van uw landingsbaan.
| Kennisgeving vanaf | Mannen | Vrouwen |
| 1 januari 2026 | 31 jaar loopbaan | 26 jaar loopbaan |
| 1 januari 2027 | 32 jaar loopbaan | 27 jaar loopbaan |
| 1 januari 2028 | 33 jaar loopbaan | 28 jaar loopbaan |
| 1 januari 2029 | 34 jaar loopbaan | 29 jaar loopbaan |
| 1 januari 2030 | 35 jaar loopbaan | 30 jaar loopbaan |
Hoe telt de RVA uw loopbaanjaren?
Voor de loopbaanvoorwaarde vanaf 60 jaar telt de RVA alle gewerkte en gelijkgestelde dagen sinds het begin van uw loopbaan op en deelt die som door 312. Blijft er een rest van 156 dagen of meer over, dan wordt afgerond naar het hogere jaar. Deeltijdse dagen tellen naar verhouding mee. Jaren als zelfstandige tellen niet mee; jaren als statutair ambtenaar tellen in de regel niet mee, behalve in enkele uitzonderlijke gevallen.
Sommige periodes zonder prestaties worden wel gelijkgesteld, zoals dagen gedekt door een uitkering voor arbeidsongeschiktheid, vergoede dagen werkloosheid tijdens een beroepsopleiding en uw wettelijke vakantiedagen. Twijfelt u, dan kunt u de RVA vooraf uw loopbaan laten berekenen met het C61-formulier (beroepsverleden landingsbanen).
Kunt u al vanaf 55 jaar een landingsbaan met uitkering krijgen?
In een aantal specifieke situaties kunt u al vanaf 55 jaar een landingsbaan met uitkering krijgen. Daarvoor moet u meestal 25 jaar loopbaan als loontrekkende bewijzen. Voor de uitzondering wegens een lange loopbaan ligt de lat net hoger: dan hebt u 35 jaar nodig.
Het gaat om de volgende situaties, die de RVA uitdrukkelijk opsomt. Valt u onder geen enkele ervan, dan blijft de algemene leeftijd van 60 jaar voor u gelden.
- een zwaar beroep (werk in wisselende ploegen, in onderbroken diensten of met nachtprestaties), uitgeoefend gedurende minstens 5 jaar in de laatste 10 jaar of 7 jaar in de laatste 15 jaar;
- minstens 20 jaar nachtwerk;
- een attest van de arbeidsarts dat u ongeschikt bent om in de bouwsector verder te werken;
- tewerkstelling in een onderneming in moeilijkheden of in herstructurering;
- tewerkstelling als doelgroepwerknemer in een maatwerkbedrijf, beschutte of sociale werkplaats;
- een lange loopbaan van 35 jaar als loontrekkende.
Hoeveel bedraagt de uitkering bij een landingsbaan?
De uitkering van de RVA is een forfaitair bedrag: ze hangt niet af van uw loon. Wat wel meetelt, is of u halftijds of een vijfde minder werkt en, bij een vijfde, of u samenwoont of alleen woont. U ontvangt ze bovenop het deeltijds loon dat uw werkgever blijft betalen.
De uitkering is belastbaar als vervangingsinkomen en de RVA houdt meteen bedrijfsvoorheffing in. Bij een halftijdse landingsbaan is dat 17,15 % voor een alleenwonende en 35 % voor een samenwonende. De bedragen hieronder zijn maandbedragen voor wie voltijds werkte, geïndexeerd op 1 september 2026.
| Situatie | Brutobedrag | Nettobedrag |
| Halftijds, samenwonend | 657,65 € per maand | 427,48 € per maand |
| Halftijds, alleenwonend | 657,65 € per maand | 544,87 € per maand |
| Een vijfde minder, samenwonend | 305,47 € per maand | 198,56 € per maand |
| Een vijfde minder, alleenwonend zonder kinderen ten laste | 368,64 € per maand | 239,62 € per maand |
| Een vijfde minder, alleenwonend met minstens één kind ten laste | 368,64 € per maand | 305,42 € per maand |
Werkte u vóór uw halftijdse landingsbaan deeltijds (minstens 3/4), dan krijgt u de uitkering naar verhouding van uw tewerkstelling. U kunt uw eigen bedrag berekenen via de onlinedienst Break@Work van de RVA. In de jaarlijkse belastingaangifte vindt u de uitkeringen op de fiche 281.18, die u in uw eBox of via MyMinfin van de FOD Financiën kunt raadplegen.
Kan uw werkgever een landingsbaan weigeren of uitstellen?
Dat hangt af van de grootte van de onderneming. Bij een werkgever met hoogstens 10 werknemers is een landingsbaan geen recht: uw werkgever moet akkoord gaan met het principe, de vorm, de startdatum en de duur. Bij meer dan 10 werknemers hebt u wel recht op een landingsbaan zodra u aan de voorwaarden voldoet.
Ook in een grotere onderneming kan de startdatum wel opschuiven. Voor een halftijdse landingsbaan geldt een quotum: in de regel mag 5 % van het personeel tegelijk afwezig zijn, en is dat bereikt, dan wacht u tot er een plaats vrijkomt. Wie 55 jaar of ouder is en een vijfde minder wil werken, valt buiten dat quotum. Om ernstige interne of externe redenen kan uw werkgever de start tot 6 maanden uitstellen; bekleedt u een sleutelfunctie en vraagt u op 55 jaar of later een vijfde minder, dan kan dat uitstel tot 12 maanden oplopen.
Zo vraagt u een landingsbaan aan, stap voor stap
De aanvraag verloopt in twee sporen: eerst bij uw werkgever, daarna bij de RVA. Tijdig beginnen loont, want de termijnen tegenover uw werkgever liggen vast en gelden ook voor elke verlenging.
Uw kennisgeving aan de werkgever hoeft geen vast model te volgen, zolang de gevraagde vorm, de startdatum, de duur en uw voorstel voor de verdeling van de uren erin staan. Bewaar altijd een bewijs van ontvangst.
- Verwittig uw werkgever schriftelijk, met een aangetekende brief of door de brief persoonlijk te overhandigen tegen een ondertekende kopie. Doe dat 3 maanden vooraf als de onderneming meer dan 20 werknemers telt, en 6 maanden vooraf bij 20 werknemers of minder.
- Wacht het antwoord van uw werkgever af. Hij antwoordt ten laatste op de laatste dag van de maand na de maand van uw kennisgeving. Wil hij de start uitstellen, dan laat hij u dat binnen de maand na uw kennisgeving weten.
- Dien uw aanvraag in bij de RVA, zodra de landingsbaan en de startdatum vastliggen. Dat gebeurt verplicht elektronisch via Break@Work; uw werkgever vult zijn deel van dezelfde aanvraag in. Doe het ten laatste 2 maanden na de startdatum.
- Ontvang uw beslissing: de RVA antwoordt met het C62-formulier. Bent u het niet eens met de beslissing, dan kunt u beroep aantekenen bij de arbeidsrechtbank.
Alle voorwaarden en formulieren vindt u in het infoblad over de landingsbaan van de RVA. Lukt de online aanvraag niet, dan kunt u bij het contactcenter van de RVA een afspraak maken met een digicoach.
Wat betekent een landingsbaan voor uw pensioen?
De periode waarin u minder werkt, kan voor uw pensioen gelijkgesteld worden met gewerkte periodes, als u aan de voorwaarden van de pensioenregels voldoet. Die gelijkstelling geldt alleen als u een uitkering van de RVA ontvangt. Neemt u een landingsbaan zonder uitkering, dan telt het deel dat u minder werkt niet mee.
Hoeveel uw landingsbaan precies weegt in uw pensioenberekening, hangt af van uw volledige loopbaan. Kijk dat na in uw dossier op mypension.be of bel de gratis pensioenlijn 1765. Zo ziet u ook of een minimumpensioen voor u in beeld komt en wanneer u op zijn vroegst kunt stoppen.
Mag u bijverdienen tijdens een landingsbaan?
Met een uitkering van de RVA gelden strikte regels. Uw recht op de uitkering vervalt onder meer vanaf de dag waarop u een nieuwe activiteit in loondienst begint, de uren van een bestaande bijkomende job uitbreidt of een zelfstandige activiteit start. Een zelfstandige activiteit die u al uitoefende, mag u maximaal 24 maanden combineren met een halftijdse landingsbaan en maximaal 60 maanden met een vijfde minder werken.
Wilt u toch een andere activiteit opnemen, dan kunt u ook kiezen voor een landingsbaan zonder uitkering. U moet dan alleen aan de voorwaarden bij uw werkgever voldoen, niet aan de cumulregels, maar u meldt de landingsbaan wel aan de RVA. Lees ook wat er kan met bijverdienen zonder zelfstandige te worden en met een flexi-job.
Bent u beschermd tegen ontslag tijdens een landingsbaan?
Ja. De ontslagbescherming gaat in op de dag van uw schriftelijke kennisgeving, of op de dag van het akkoord als de landingsbaan geen recht is, en loopt tot 3 maanden na het einde van uw landingsbaan. Uw werkgever mag u in die periode niet ontslaan, tenzij om een dringende reden of een voldoende reden die niets met de landingsbaan te maken heeft.
Ontslaat hij u toch zonder zo’n reden, dan betaalt hij u een forfaitaire vergoeding van 6 maanden loon, bovenop de gewone opzegtermijn of opzeggingsvergoeding. Hebt u uw landingsbaan voor onbepaalde duur genomen, dan wordt die opzeggingsvergoeding berekend op basis van uw deeltijds loon; voor een bepaalde duur op het loon dat u zonder landingsbaan zou verdienen.
Bestaat er een Vlaamse aanmoedigingspremie voor een landingsbaan?
Alleen in de Vlaamse socialprofitsector. Wie daar werkt en een landingsbaan met RVA-uitkering krijgt, kan van de Vlaamse overheid een aanmoedigingspremie landingsbaan krijgen, bovenop de uitkering. Werkt u in de privésector of in de openbare sector, dan hebt u geen recht op die premie.
De voorwaarden zijn streng: u werkt met een contract van onbepaalde duur, uw beroep staat op de lijst van zorggerelateerde beroepen (behalve voor doelgroeppersoneel) en u hebt 20 jaar voltijds of deeltijds in de socialprofitsector of in gelijkgestelde sectoren gewerkt, of 25 jaar loopbaan met minstens 10 jaar voltijds in die sector of in gelijkgestelde sectoren. U hebt bovendien het C62-formulier van de RVA nodig dat uw tijdskrediet landingsbaan met onderbrekingsuitkering goedkeurt, en u hebt in de 12 maanden vóór de start van uw landingsbaan ononderbroken minstens 75 % gewerkt (niet noodzakelijk bij dezelfde werkgever). U vraagt de premie aan binnen 6 maanden na de start van uw onderbreking; een laattijdige aanvraag wordt niet meer aanvaard. Voor andere verloven bestaat er bijvoorbeeld de aanmoedigingspremie bij ouderschapsverlof.
Welke andere regelingen kunt u overwegen?
Voldoet u niet aan de voorwaarden voor een landingsbaan, dan kunt u misschien een tijdskrediet met motief halftijds of met een vijfde aanvragen. Dat staat open voor alle leeftijden en kent geen loopbaanvoorwaarde, maar u hebt een erkend motief nodig, het loopt niet tot uw pensioen en de uitkering is lager.
Daarnaast bestaan de thematische verloven, met hun eigen teller: ouderschapsverlof, verlof voor medische bijstand, palliatief verlof en verlof voor mantelzorg. Kunt u om gezondheidsredenen niet meer voltijds werken, bekijk dan eerst uw rechten bij arbeidsongeschiktheid of een invaliditeitsuitkering. Meer steun rond pensioen en ouder worden vindt u in onze rubriek senioren.