Pensioenhervorming in België: wat verandert er vanaf 2027 voor uw pensioen?

28 Oktober 2026 door Isabelle - 12 minuten leestijd
Ontdek op welke steun u recht hebt
Bereken mijn steun

Pensioenhervorming: man van rond de 65 leest aan de eettafel een brief over de nieuwe pensioenregels

De pensioenhervorming verandert vanaf 2027 wanneer u met vervroegd pensioen kunt gaan en hoeveel pensioen u dan krijgt. Een loopbaanjaar telt alleen nog mee als u er minstens 156 dagen hebt, wie vervroegd stopt zonder genoeg loopbaanjaren en gewerkte dagen krijgt een malus, en wie langer blijft, kan een nieuwe bonus opbouwen. Gaat u in 2026 met pensioen, dan heeft de hervorming geen impact op uw pensioen. Hieronder leest u per maatregel wat er verandert, voor wie en vanaf wanneer. Meer over uw rechten als oudere vindt u in onze rubriek senioren.

Wat is de pensioenhervorming en wanneer gaat ze in?

De pensioenhervorming is het pakket van pensioenmaatregelen van de federale regering. Volgens de Federale Pensioendienst werd de pensioenwet op 28 mei 2026 goedgekeurd en is ze inmiddels officieel gepubliceerd. Het gaat dus niet meer om plannen: de maatregelen hieronder zijn wet, tenzij we uitdrukkelijk iets anders zeggen.

De meeste veranderingen gelden voor wie vanaf 2027 met pensioen gaat. Gaat uw pensioen in 2026 in, dan heeft de hervorming geen impact op uw pensioen. Kunt u in 2026 al met pensioen gaan maar stelt u het uit, dan verandert er niets aan uw pensioendatum en krijgt u geen malus. Uw pensioenbedrag kan dan wel nog veranderen door andere nieuwe regels, zoals de beperking van de periodes van werkloosheid.

Maatregel Vanaf wanneer
Strengere voorwaarden voor vervroegd pensioen (156 dagen per jaar) als u vroegst mogelijk vanaf 1 januari 2027 met pensioen kunt
Pensioen op 60 jaar na 42 jaar met elk 234 gewerkte dagen vanaf 2027
Pensioenmalus bij vervroegd pensioen vanaf 2027
Nieuwe pensioenbonus opbouw vanaf 2026, voor pensioenen vanaf 2027
Ziektedagen tellen volledig mee voor het minimumpensioen vanaf 2026
Fictief loon voor werkloosheid en eindeloopbaan beperkt pensioenen vanaf 2027 (periodes vanaf 1 februari 2025)
Plafond voor het deel van de loopbaan in werkloosheid en SWT vanaf 1 juli 2027

Wat verandert er niet aan de pensioenleeftijd?

De wettelijke pensioenleeftijd blijft zoals ze al vastlag: ze hangt af van uw geboortedatum en gaat stap voor stap naar 67 jaar. Hoe uw eigen pensioenleeftijd precies wordt bepaald, leest u in ons artikel over de pensioenleeftijd.

Ook de minimumleeftijd en de loopbaanduur voor vervroegd pensioen blijven ongewijzigd. Wat wel verandert, is welke jaren als loopbaanjaar meetellen. Dat leggen we verderop uit, na de tabel met de wettelijke leeftijden.

Geboren Wettelijke pensioenleeftijd
vóór 1 januari 1960 65 jaar
van 1 januari 1960 tot en met 31 december 1963 66 jaar
vanaf 1 januari 1964 67 jaar

Voor vervroegd pensioen gelden deze combinaties van leeftijd en loopbaan: 60 jaar met 44 loopbaanjaren, 61 of 62 jaar met 43 loopbaanjaren en 63, 64 of 65 jaar met 42 loopbaanjaren.

Vervroegd pensioen vanaf 2027: 156 dagen per loopbaanjaar

Is uw vroegst mogelijke pensioendatum 1 januari 2027 of later, dan telt een loopbaanjaar voor het vervroegd pensioen alleen nog mee als u in dat jaar minstens 156 gewerkte of gelijkgestelde dagen hebt. Wie voltijds werkt, haalt die 156 dagen in de regel rond 1 juli. Voor uw eerste loopbaanjaar volstaan 104 dagen, op voorwaarde dat u daarvoor nog geen jaar met 156 dagen had.

Komt u in sommige jaren net te kort, dan vult de Pensioendienst die jaren aan met maximaal 5 reservedagen over uw hele loopbaan. Werkte u halftijds met wisselende uurroosters (tussen 150 en 162 dagen per jaar), dan kunnen binnen dezelfde aaneensluitende periode van halftijds werk dagen uit een jaar met iets meer dan 156 dagen naar een jaar met net te weinig verschuiven: de zogenaamde balansdagen. Die worden eerst gebruikt, pas daarna de reservedagen, en u moet daar zelf niets voor doen. Zeker wie deeltijds werkt, kijkt dit best na.

Overgangsregel: hoogstens een of twee jaar later

Voldoet u vóór 2027 of uiterlijk op 1 januari 2027 al aan de voorwaarden voor vervroegd pensioen, dan verandert er niets aan uw pensioendatum, ook als u langer blijft werken. Bent u geboren vóór 1966, dan kunt u door de nieuwe regel hoogstens één jaar later met pensioen dan vóór de hervorming. Bent u geboren in 1966, dan is dat hoogstens twee jaar.

Nieuw: met pensioen op 60 jaar na een lange loopbaan

Vanaf 2027 kunt u ook op 60 jaar met pensioen als u minstens 42 loopbaanjaren hebt met elk minstens 234 effectief gewerkte dagen. Voor die regel tellen vooral echte werkdagen mee, en daarnaast onder meer tijdelijke werkloosheid, moederschapsrust, het geboorteverlof voor vaders en meeouders en militaire dienst. De reservedagen en de uitzondering van 104 dagen voor het eerste jaar gelden hier niet.

De pensioenmalus: wanneer krijgt u minder pensioen?

De pensioenmalus is een vermindering van uw brutopensioen als u vervroegd met pensioen gaat en niet voldoet aan de loopbaanvoorwaarden voor de malus. Gaat u pas op uw wettelijke pensioenleeftijd met pensioen, dan krijgt u geen malus. Kon u vóór 1 februari 2027 al met pensioen gaan, dan krijgt u evenmin een malus, ook als u uw pensioen uitstelt. Voor enkele bijzondere stelsels, zoals beroepsmilitairen, gelden nog andere uitzonderingen.

Om vervroegd te stoppen zonder malus moet u aan twee voorwaarden samen voldoen: 35 loopbaanjaren met minstens 156 dagen én 7.020 dagen over uw hele loopbaan die meetellen voor de malus. Voor die telling gelden naast gewerkte dagen onder meer ook periodes van ziekte en invaliditeit, een arbeidsongeval, zorgverloven zoals thematisch verlof en tijdelijke werkloosheid. De reservedagen helpen voor de 156 dagen, maar tellen niet mee voor de 7.020 dagen.

Geboren Malus per jaar dat u vroeger stopt
in 1960 of vroeger 0 %
van 1961 tot en met 1965 2 %
van 1966 tot en met 1974 4 %
in 1975 of later 5 %

De malus wordt berekend in verhouding tot het aantal maanden dat u vóór uw wettelijke pensioenleeftijd stopt en is definitief: uw pensioen blijft verminderd, ook nadat u de wettelijke leeftijd bereikt. Een overlevingspensioen wordt wel berekend op het pensioen van uw overleden huwelijkspartner zonder malus.

Voorbeeld: Jef is geboren in 1975 en gaat 4 jaar vóór zijn wettelijke pensioenleeftijd met pensioen. Hij heeft 36 loopbaanjaren met minstens 156 dagen, maar slechts 6.580 van de 7.020 vereiste dagen. Zijn malus is 4 × 5 % = 20 %: zijn pensioen van 1.800 € bruto wordt 1.440 € bruto.

Bekijk op welke andere steun u recht hebt rond uw pensioen
Bereken mijn steun

De nieuwe pensioenbonus: meer pensioen als u langer blijft

De opbouw van de oude pensioenbonus werd op 31 december 2025 stopgezet. Daarvoor in de plaats komt een nieuwe pensioenbonus: een procentuele verhoging van uw brutopensioen als u uw pensioen uitstelt tot na uw wettelijke pensioenleeftijd. U kunt die vanaf 1 januari 2026 beginnen op te bouwen als u dan al aan de voorwaarden voldoet en uw pensioen pas in 2027 of later ingaat. De bonus telt vanaf uw wettelijke pensioenleeftijd.

U krijgt de bonus als u aan drie voorwaarden voldoet: 35 loopbaanjaren met minstens 156 gewerkte dagen, 7.020 gewerkte dagen over uw hele loopbaan, en u hebt nog geen enkel Belgisch pensioen ontvangen. U hoeft na uw wettelijke pensioenleeftijd niet verder te werken: zolang u uw pensioen niet opneemt, bouwt u de bonus op. Reservedagen en balansdagen tellen hier niet mee.

Geboren Bonus per jaar uitstel
in 1962 of vroeger 2 %
van 1963 tot en met 1972 4 %
in 1973 of later 5 %

De bonus is definitief en een persoonlijk recht: een overlevingspensioen voor uw huwelijkspartner wordt berekend zonder uw bonus. Ontvangt u zelf een Belgisch of buitenlands overlevingspensioen, dan bouwt u in die periode geen bonus op, tenzij u dat overlevingspensioen laat stopzetten. Wilt u na uw pensioenleeftijd blijven werken, dan leest u best ook ons artikel over bijverdienen met pensioen.

Minimumpensioen: ziektedagen tellen voortaan volledig mee

Voor het minimumpensioen moet u naast de gewone loopbaanvoorwaarde ook een werkvoorwaarde halen. Bent u geboren na 1970, dan moet u minstens 5.000 gewerkte of gelijkgestelde dagen kunnen aantonen. Voor wie vóór 1970 geboren is, gelden overgangsregels.

Tot nu toe telden ziektedagen maar gedeeltelijk mee voor die werkvoorwaarde. Vanaf 2026 worden afwezigheden om medische redenen volledig gelijkgesteld met gewerkte dagen. Ook militaire dienst, lock-out, perioden van syndicale opdracht en dagen als rechter in sociale zaken tellen dan mee.

Werkloosheid en SWT tellen minder mee voor uw pensioenbedrag

Voor elke gelijkgestelde periode rekent de Pensioendienst met een fictief loon. Voor pensioenen die ingaan in 2027 of later wordt dat fictief loon voor periodes van werkloosheid en eindeloopbaan vanaf 1 februari 2025 beperkt tot het minimum loonplafond. Die periodes brengen dus minder pensioen op. Tijdelijke werkloosheid valt daar niet onder, en een landingsbaan evenmin, op voorwaarde dat u pas op de wettelijke pensioenleeftijd of later met pensioen gaat. Voor een landingsbaan of SWT die vóór 1 februari 2025 is ingegaan of aangevraagd, verandert er niets.

Daarnaast komt er volgens de Pensioendienst vanaf 1 juli 2027 een plafond voor het deel van uw loopbaan dat uit volledige werkloosheid, werkloosheid met bedrijfstoeslag (SWT, het vroegere brugpensioen), pseudobrugpensioen en landingsbanen mag bestaan voor de berekening van uw pensioenbedrag. Het percentage hangt af van uw geboortejaar (voor een overlevingspensioen: dat van uw overleden huwelijkspartner) en daalt tot 20 %. Tijdelijke werkloosheid, ziekte, invaliditeit en zorgverloven vallen niet onder die beperking, en ook voor het minimumpensioen geldt ze niet.

Geboortejaar Maximaal deel werkloosheid en eindeloopbaan
1960 of vroeger 100 %
1961 tot en met 1964 40 %
1965 35 %
1966 30 %
1967 25 %
1968 en later 20 %

Voorbeeld: Marie is geboren in 1970 en heeft een loopbaan van 12.480 dagen, waarvan 3.120 dagen met een werkloosheidsuitkering. Voor haar mag werkloosheid hoogstens 20 % van de loopbaan uitmaken, dus 2.496 dagen. De overige 624 dagen werkloosheid tellen niet mee voor haar pensioenbedrag. Wie zijn uitkering verliest door de beperking van de werkloosheid in de tijd, kijkt dus best ook naar de gevolgen voor het pensioen.

Indexering: hogere pensioenen stijgen minder mee

Sinds 1 juli 2025 wordt uw pensioen pas 3 maanden nadat de spilindex overschreden is geïndexeerd. Wordt de spilindex in september overschreden, dan volgt de indexering van uw pensioen dus pas in december.

Bij een overschrijding van de spilindex tussen 1 juli 2025 en 31 december 2029 is de indexering van de hoogste pensioenen beperkt. Ligt uw totale pensioen boven een bepaald grensbedrag, dan wordt de verhoging beperkt, en vanaf een hoger grensbedrag krijgt u in plaats van een procentuele index een vaste verhoging. Die grensbedragen worden zelf ook geïndexeerd: de actuele bedragen staan op de pagina over indexering van de Pensioendienst. Wanneer uw pensioen precies op uw rekening komt, leest u in onze betaalkalender van het pensioen.

Wat verandert er voor ambtenaren?

Voor het ambtenarenpensioen verandert vooral de berekening, maar ook de pensioendatum kan verschuiven: bijvoorbeeld voor militairen en rollend personeel van HR Rail, en omdat eindeloopbaanregelingen en loopbaanonderbrekingen vanaf 2027 minder of niet meer meetellen. Vandaag is de referentiewedde het gemiddelde loon van de laatste 10 jaar. Voor pensioenen die ingaan vanaf 2027 wordt die periode stap voor stap langer, tot 45 jaar voor ambtenaren die in 1997 of later geboren zijn, net zoals bij werknemers (voor HR Rail en militairen gelden aparte tabellen). Wie geboren is vóór 1962, wordt nog berekend op de laatste 5 jaar.

Ook de gunstigere loopbaanbreuken (zoals 1/55 of 1/50) verdwijnen: diensten vanaf 1 januari 2027 worden berekend met de loopbaanbreuk 1/60. Het ziektepensioen voor ambtenaren wordt afgeschaft en vervangen door een verzekering voor arbeidsongeschiktheid en invaliditeit zoals in de privésector; wie al een definitief ziektepensioen heeft, merkt daar niets van. Kon u uiterlijk op 1 januari 2027 met vervroegd pensioen, dan blijft uw referentiewedde op de huidige manier berekend.

Bent u zelfstandige?

De grote lijnen van de hervorming gelden voor werknemers, ambtenaren én zelfstandigen. De strengere voorwaarden voor vervroegd pensioen, de malus en de nieuwe bonus raken dus ook uw pensioen als zelfstandige.

Voor de details die alleen voor zelfstandigen gelden, verwijst de Pensioendienst naar het RSVZ (Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen). Daar vindt u ook meer informatie over de voorwaarden voor de malus voor zelfstandigen.

Hoe weet u wat de hervorming voor u betekent?

Op mypension.be vindt u onder ‘Mijn pensioen plannen’ de pagina ‘Wat betekent de hervorming voor mij?’. Daar staat een teller voor de malus en een teller voor de bonus. Staan er bij een teller twee vinkjes, dan voldoet u voor die teller nu al aan de twee voorwaarden; staat er een kruisje, dan komt u nog dagen of jaren tekort. De tellers werken met de loopbaangegevens die de Pensioendienst vandaag van u heeft, zeggen niets over uw recht op vervroegd pensioen en zijn niet altijd beschikbaar, bijvoorbeeld als loopbaangegevens ontbreken.

Belangrijk: de ingangsdatum van uw pensioen bepaalt welke regels voor u gelden, niet de datum van uw aanvraag. U kunt uw pensioen hoogstens één jaar vóór de gewenste ingangsdatum aanvragen. Vraagt u het minstens 9 maanden vooraf aan, dan streeft de Pensioendienst ernaar u 4 maanden vóór uw pensioendatum een beslissing te sturen. Hoe dat stap voor stap gaat, leest u bij pensioen aanvragen. Voor een raming van uw bedrag kunt u ook ons artikel over pensioen berekenen raadplegen.

Komt u maar enkele dagen of jaren tekort om aan de malusvoorwaarden te voldoen? Dan kunt u uw pensioen uitstellen en verder werken tot u wel aan de voorwaarden voldoet. Zo kan de malus wegvallen of kleiner uitvallen.

Wat is aangekondigd maar nog niet beslist?

Niet alles uit het regeerakkoord van 31 januari 2025 zit in het overzicht van de pensioenhervorming. Zo kondigt het regeerakkoord aan dat het gezinspensioen op middellange termijn wordt afgebouwd, behalve voor de pensioenminima. Die afbouw staat niet bij de maatregelen van de pensioenhervorming die de Pensioendienst opsomt: het is aangekondigd, maar de Pensioendienst vermeldt het niet als goedgekeurde maatregel en beschrijft het gezinspensioen vandaag nog zonder afbouw.

Volgt u de hervorming op de voet, dan is de pagina over de pensioenhervorming van de Federale Pensioendienst een betrouwbare bron: die wordt aangepast zodra nieuwe teksten definitief zijn. Hebt u een laag pensioen, dan kijkt u best ook na of u recht hebt op de inkomensgarantie voor ouderen (IGO) of op het vakantiegeld bij uw pensioen.

Aandacht
Deze informatie is gebaseerd op de gegevens van de Federale Pensioendienst op 28 oktober 2026. Uw persoonlijke pensioendatum en uw bedrag hangen af van uw volledige loopbaan: die controleert u best op mypension.be.

Isabelle is redacteur bij Mijntoeslagen.be en schrijft over hulpverlening en administratie in Vlaanderen. Voel je vrij om contact met haar op te nemen in het commentaargedeelte als je vragen hebt.


Stel een vraag aan onze deskundige

Ons algoritme berekent voor welke steun u in aanmerking komt

Simuleer gratis mijn hulpmiddelen